Ella.
26 januari 2026 - Ella, Sri Lanka
Dag twee in Ella staat er maar één activiteit gepland, een bezoek aan de Nine Arch bridge. Volgens onze Itinerary is het een “little hike” maar Mihi laat weten dat we de brug lopend alleen via een lange steile trap of omhoog de berg opklimmend dwars door het bos kunnen bereiken. Daarom heeft hij voor ons, oude mensen!, een tuktuk geregeld die ons, met z’n drieën achterin tegen elkaar aangeperst, naar de bezienswaardige en hooggelegen boogbrug zal brengen.
We blijken niet de enigen te zijn die de tuktuk boven de benenwagen verkiest, wat het nodige gemanouvreer en getoeter van onze tuktuk bestuurder vereist. Af en toe, als er gepasseerd moet worden, dreigen we bijna in de diepte geduwd te worden, maar het gaat iedere keer, tot onze grote opluchting, toch weer goed. En daar is ie dan. De beroemde brug met zijn negen bogen. Gebouwd door de Engelsen tijdens hun koloniale overheersing, eind negentiende eeuw. We lopen over de dwarsbielsen van het spoor naar de overkant. Niet zo gevaarlijk als het lijkt want er rijden maar weinig treinen en de politie die de boel in de gaten houdt geeft met fluitsignalen aan dat het spoor vrijgemaakt moet worden. We wachten ruim een uur op de volgende trein die over de brug zal rijden. Er hangen drones in de lucht en er komen steeds meer toeristen en dagjesmensen om brug met trein op foto of film vast te leggen. Er staan verkopers van king coconut en van ‘jackfruit ‘n mango’ en ook wordt er muziek gemaakt en gezongen. Het geheel levert een panoramisch plaatje op, dat moet gezegd maar het lijkt veel drukte om weinig.
Na afloop terug naar het hotel voor een rustige middag bij het zwembad. We dineren op tijd. De chef maakte, (op verzoek en speciaal voor ons, van de jackfruit die op het terrein groeit), een jackfruit curry, want die avond zal er in de Boeddhistische tempel die naast het hotel verscholen ligt in het bos, een ceremonie plaatsvinden. Een parade van musicerende en dansende gelovigen zal dan langs het hotel naar de tempel lopen, alwaar de ceremonie zal beginnen. We worden van harte uitgenodigd een kijkje te nemen. Na onze ervaring in Anuradhapura met tempelceremonies zijn we benieuwd en stellen ons iets dergelijks voor maar niets blijkt minder waar. We gaan eerst naar de hotelingang maar de parade laat op zich wachten, dus besluiten we vast richting tempel te lopen. Daar hebben we nog geen voet op de oprit gezet of we worden verwelkomd door een in het wit geklede zestiger die ons uitnodigt de schoenen uit te doen en hem maar te volgen. We willen niet onbeleefd zijn en zijn ook wel nieuwsgierig dus op kousevoeten volgen we de man een grote ruimte in waar aan één kant een aantal met witte lappen beklede stoelen langs de muur staan met tafels ervoor waar wat losse bloemen op liggen. Plaatsen gereserveerd voor de monniken die later zullen komen wordt ons verteld. Nou ja, verteld…we maken het op uit het gebrekkige Engels dat onze zelfbenoemde gids bezigt. In het midden staat een klein bouwwerkje met een ronde tafel met stoelen eromheen. Erop staan planten. Voor de belangrijkste monniken begrijpen we. Links tegen de muur staan lange tafels, waar een aantal kastjes op staan met boeddhabeelden erin waar in het Singhalees onderschriften bijstaan. Bij de laatste muur liggen kleden op de grond waar vrouwen en kinderen op zitten die ons met veel belangstelling volgen en nieuwsgierig bekijken. We zijn hier sowieso een bezienswaardigheid merken we. Steeds komt er iemand naar onze ‘gids’ toe, zegt iets (voor ons) onverstaanbaars, glimlacht vriendelijk naar ons en loopt weer weg. Een bezoek aan het volgende gebouw volgt, waar we over een veelkleurige loper naar een soort altaar worden geleid met een groot Boeddhabeeld er achter. Op het altaar liggen weer bloemen, van stof gemaakt deze keer en er komt een vrouw naar ons toe om te laten zien wat ze gaat offeren. Het blijkt een dienblad te zijn met glazen gevuld met kruidendrankjes die onder een rijk versierd rond deksel uitkomen. Daarna worden we meegeloodst naar een kleine kamer met weer stoelen langs de muur en een tafel waar schalen op staan, bedekt met doeken. De VIP kamer vermoeden we. Of we maar willen gaan zitten en lusten we misschien een kopje thee? Weigeren zou onbeleefd zijn dus accepteren we, waarna we meteen traditionele tempelkoekjes en een stuk cake krijgen aangeboden. We zitten nog niet of er voegen zich drie mannen bij ons waarvan er een het van onze gid overneemt Hij is belangrijker begrijpen we. Er wordt ondertussen druk overleg gepleegd, over ons vermoeden we en de heren worden het ergens over eens lijkt het. Intussen hebben we wel in de gaten dat het er hier heel anders aan toegaat dan in het toeristische Anuradhapura. We zijn de enige buitenstaanders en ook nog eens de enige witte mensen aanwezig. Onze nieuwe begeleider is ouder dan de eerste, mist een aantal tanden en produceert een zo mogelijk nog moeilijker te begrijpen Engels om uit te leggen wat er gaande is. Het betreft hier de jaarlijkse viering van het feit dat in 1416 een Boeddhistische monnik hier neerstreek die de tempel stichtte. Sindsdien wordt dat heuglijke feit jaarlijks herdacht door een etmaal lang feest te vieren, te beginnen met de parade, waarna er monikken zullen arriveren met een hoofdmonnik die de viering zal leiden. Er zal gezongen worden en er zal muziek worden gemaakt en er wordt gedanst, te beginnen om 9 uur die avond. De viering gaat door tot de volgende ochtend 5 uur waarna feestelijk zal worden ontbeten en later geluncht. Intussen heeft zich weer een man bij de anderen gevoegd. De ‘school principle’ zo stelt hij zich aan ons voor. Een man met aanzien merken we aan de anderen. Er komt ook vrouw hem begroeten die op haar knieen zakt, buigt en zijn voeten kust zo lijkt het, om daarna meteen weer te verdwijnen. De tandeloze man begint uit te leggen dat een donatie van ons zeer op prijs zal worden gesteld. Voor de boeddhistische school in de tempel waar de plaatselijke jeugd iedere zondag de religieuze regels wordt bijgebracht. We doen een bescheiden donatie van 2000 roepies (ongeveer 6,50 Euro) die met instemming door de mannen wordt ontvangen. De ‘principle’ haalt een envelop uit zijn zak en laat ons trots zijn donatie zien. Iets minder dan onze donatie lijkt het. We kunnen nu met goed fatsoen de warme ruimte verlaten en geven aan richting parade te gaan. Prima, we mogen altijd weer terugkomen! Dat laatste doen we maar niet. Bij het hotel aangekomen barstte er een tropische bui los, dus besluiten we lekker onder het afdak van onze kamer wat te lezen. Daarna volgt een bijna slapeloze nacht. De lager gelegen tempel blijkt naast onze kamer te liggen en de luidspreker die de hele ceremonie versterkt staat op een paal op kamerhoogte. We horen luid ceremonieel trommelen, fluiten, zingen, mantra’s zegzingen, voorzingen met antwoorden, kortom het hele palet van de ceremonie komt langs.
Concluderend kunnen we zeggen dat het een memorabele avond en nacht was en we zijn weer een ervaring rijker.
Wordt vervolgd!




















Slapen meneertje en mevrouwtje…
Gewoon nog even nagenieten.